Bloembollen

Werkstukken en spreekbeurten

De bekendste bloembol is toch wel de tulpenbol. Kom meer te weten over bollen ín de grond en een prachtige bloemenzee bóven de grond!

Bolgewassen

Planten die bollen hebben, worden bolgewassen genoemd. Bekende bolgewassen zijn tulpen, lelies, narcissen en hyacinten. Een bloembol is een ondergronds deel van een plant, waarin voedingsstoffen worden opgeslagen die de plant gebruikt om het volgende seizoen weer uit te groeien.

Rokken

Het klinkt misschien gek, maar een bloembol bestaat uit rokken. Zo worden de verschillende laagjes genoemd in de bol. In het midden van al die rokken zit een plantbeginsel. Wist je dat een ui ook een bol is? Daarvan kun je de rokken goed zien, snijd er maar eens eentje doormidden.

Typisch Nederlands?

Nederland is beroemd om haar bloembollen. Best grappig, want bloembollen komen van nature niet eens in Nederland voor! Ze zijn vroeger door handelaren meegenomen uit verre landen. Elk jaar komen er duizenden toeristen naar Nederland om de bekende bloembollenvelden te bekijken. De meeste velden liggen tussen Haarlem en Leiden. Vooral in de buurt van Lisse vind je er veel. In Lisse is ook de grootste tuin met tulpen en andere bloembolgewassen: Keukenhof. Je kunt die tuin alleen in het voorjaar bezoeken, want in de lente staan de bolgewassen in bloei. In oktober en november zijn telers druk met het planten van bloembollen.

Een bol of een knol?

Aan de buitenkant lijkt een bloembol erg op een knol. Maar van binnen zijn een bol en een knol heel anders. Een knol is massief van binnen, zonder rokken en er zit geen plantje in. Een knol is een verdikt stuk stengel of wortel van een plant. Hij bestaat helemaal uit reservevoedsel. Een bol is een complete plant. Sommige bollen en knollen kun je eten. Denk aan een ui (bol) en een aardappel (knol). Aan een ui kun je goed zien dat een bol uit allemaal laagjes bestaat. Snijd maar eens een ui doormidden. Als je een ui in de grond laat zitten, groeit er een nieuwe plant uit. Die komt dan weer uit een knop in het midden van de bol, goed verstopt tussen alle laagjes. Als je een aardappel niet opeet, groeit er het volgende jaar een nieuwe plant uit.