Zwemmen

Werkstukken en spreekbeurten

Nederland is een waterland. Er zijn dan ook succesvolle Nederlandse topzwemmers. Welke bekende (oud) zwemmers ken jij?

Schoolzwemmen

In Nederland zijn ongeveer 700 openbare zwembaden. Dat geeft wel aan hoe populair de sport is. Rond 1940 werd het schoolzwemmen in Nederland verplicht. Het schoolzwemmen werd vooral om veiligheidsredenen ingevoerd. Nederland is een waterland, waardoor het risico van verdrinking relatief groot is. De overheid vond het daarom belangrijk dat mensen leerden zwemmen en zich wisten te redden als ze per ongeluk ergens in het water zouden vallen.

Wedstrijdbaden

Zwemwedstrijden worden in speciale wedstrijdbaden gehouden. Er zijn 25-meterbaden en 50-meterbaden. Afhankelijk van het wedstrijdbad kunnen vijf tot acht deelnemers tegelijk starten. Drijvende lijnen die strak boven het water gespannen zijn, scheiden de banen. Aan het begin van het wedstrijdbad staan startblokken waar de zwemmers van afspringen als het startschot is gelost. Een tijdwaarneming houdt bij wie de snelste zwemmer is.

Zwemslagen

Er worden bij het zwemmen verschillende slagen gebruikt. Zwemmers kunnen zich voortbewegen met de borstcrawl, de rugslag, de vlinderslag of de schoolslag. Bij het wedstrijdzwemmen komt ook nog de categorie vrije slag voor. De sporter mag dan zelf de slag kiezen. Hij kiest dan natuurlijk de slag waarin hij het snelste is. Voor de meeste zwemmers is dat de borstcrawl.

Bekende waterratten

Dat Nederlanders goed kunnen zwemmen blijkt wel uit het aantal overwinningen dat Nederland geboekt heeft op zwemwedstrijden. Ook op de Olympische Spelen hebben Nederlandse zwemmers vaak de gouden plak gewonnen. Bekende Nederlandse waterratten zijn onder anderen Ranomi Kromowidjojo, Pieter van den Hoogenband en Inge de Bruijn. De laatste twee zijn een poosje geleden gestopt met wedstrijdzwemmen.