Elektriciteit

Werkstukken en spreekbeurten

De stekker erin en ... je apparaat doet het! Laptop, tv, stofzuiger en smartphone: allemaal gebruiken ze elektriciteit. Maar waar komt dat eigenlijk vandaan?

Wat is elektriciteit?

Elektriciteit is een vorm van energie van bewegende elektronen. Dat zijn kleine deeltjes die deel uitmaken van een atoom. Elk elektron heeft een kleine elektrische lading. Als elektronen zich verplaatsen, komt er energie vrij. Dat is elektriciteit. Bijvoorbeeld als je het licht aandoet of als je je computer aanzet. Stroom wordt opgewekt in elektriciteitscentrales. Hoogspanningskabels vervoeren die elektriciteit door de lucht of onder de grond. Elektrische energie kun je ook opslaan in bijvoorbeeld batterijen.

Elektriciteit in de natuur

Elektriciteit zit niet alleen maar in kabels en batterijen. Het is er al zolang de aarde bestaat. Wolken kunnen bijvoorbeeld elektriciteitdrager zijn. Maar dat is dan statische elektriciteit. Het kan plotsklaps als een grote vonk naar de aarde stromen of naar een andere wolk. Dan heb je stromende elektriciteit, oftewel: bliksem! Door de hitte van de bliksem zet de lucht in de buurt van de wolk met enorme kracht uit. Dat veroorzaakt het donderende geluid wat te horen is bij onweer.

Stroomkring

Stroom loopt altijd in een gesloten kring: een stroomkring. In die stroomkring kunnen een lamp en een schakelaar zitten. De lamp brandt als de stroomkring gesloten is. Door de schakelaar om (open) te zetten, onderbreek je de stroomkring. De stroom kan niet doorstromen en de lamp gaat uit. Je kunt verschillende lampjes in één stroomkring achter elkaar zetten. Dit heet een serieschakeling. Als één lampje stukgaat, is de stroomkring onderbroken. De lampjes gaan allemaal uit. Dit gebeurt nogal eens met bijvoorbeeld kerstverlichting. Om het te voorkomen kun je ieder lampje een eigen stroomkring geven: een parallelle schakeling.