Molens

Werkstukken en spreekbeurten

Een molen is een werktuig. Je kunt er verschillende dingen mee doen, zoals graan malen, hout zagen en water omhoog pompen. Wist je dat sommige molens al millenia lang bestaan?

Watermolen

Al duizenden jaren geleden maakten Nederlanders gebruik van handmolens. Watermolens kwamen pas later. Middeleeuwers bedachten dat de stroming in een beek of rivier waterrad in beweging kan brengen. Met dat waterrad lieten ze iets anders ronddraaien, bijvoorbeeld een maalsteen om graan te malen, een cirkelzaag om hout te zagen of een pers om olie te persen.

Op plekken waar de stroming niet sterk genoeg was, gingen de mensen op zoek naar een andere oplossing. Ze bedachten de eerste windmolens.

De windmolen

Door de uitvinding van de windmolen hoefde niemand meer met de hand te malen. Alleen als het windstil was, draaide de molen niet. Als het weer ging waaien, haalden ze de verloren tijd in door hard te werken, ook ’s nachts. De uitvinding van machines maakte mensen minder afhankelijk van de wind. Dus na de uitvinding van de stoommachine en later de electriciteit stapten veel bedrijfjes over op maalmachines of persen. Van de ruim 9000 molens in Nederland bleven er nog maar een paar in gebruik.

Soorten molens

Er zijn allerlei soorten molens. Je kunt ze op verschillende manieren indelen.

Hoe komt de molen in beweging:

  • Handmolen: met de hand malen mensen bijvoorbeeld graan of koffie.
  • Rosmolen: een paard (ros) brengt de molen in beweging.
  • Watermolen: stromend water in een beek of rivier laat het waterrad draaien.
  • Windmolen: de wind zorgt voor het draaien van de wieken.

Wat is de functie van de molen:

  • Houtzaagmolen: zaagt boomstammen tot planken.
  • Korenmolen: maalt graan tot meel.
  • Papermolen: vermaalt witte, oude kleren tot papierpulp (spul waar ze papier van maken).
  • Pelmolen: ontdoet gerstekorrels van hun loszittende kaf.
  • Poldermolen: schept water van laag naar hoog.

Dit zijn slechts een paar voorbeelden van functies van de molen.

Hoe is de molen gebouwd:

  • Bovenkruier: de molenaar kan alleen de kap met het wiekenkruis naar de goede windrichting draaien.
  • Grondzeiler: een windmolen met grond eromheen, vanwaar de molenaar de wieken bijstelt.
  • Stellingmolen: een hoge molen met een stelling, een soort balkon, waarop de molenaar de wieken bijstelt.

Dit zijn drie verschillende bouwwijzen, maar er zijn er nog meer.