Zonne-energie

Werkstukken en spreekbeurten

De zon is een ster die zich op zo'n 150 miljoen kilometer afstand van de aarde bevindt. De zon geeft licht en warmte. En die kunnen we gebruiken om energie mee op te wekken! Waarom maken we gebruik van zonne-energie?

Duurzame energie

We gebruiken de hele dag energie. Energie is bijvoorbeeld elektriciteit uit het stopcontact. Elektriciteit heb je nodig voor de tv, computer en koelkast. Maar energie is bijvoorbeeld ook de brandstof voor de auto: benzine. Benzine moet eerst gemaakt worden. Net als elektriciteit. Dat gebeurt vooral door het verbranden van aardolie, steenkool en aardgas. Dit zijn fossiele brandstoffen, die we uit de aarde halen. Deze brandstoffen raken een keertje op, maar ook daarna hebben we nog steeds energie nodig. Daarom wordt er gezocht naar duurzame energie. Dat wil zeggen naar energiebronnen die niet opraken, zoals zon, water en wind.

Zonnepanelen en zonnecollectoren

Het gebruik van de zon is een voorbeeld van duurzame energie. Het licht en de warmte van de zon zijn onuitputtelijk. Zonlicht wordt gebruikt om energie op te wekken. Daar gebruiken we zonnepanelen voor. Je ziet ze op daken van huizen, maar bijvoorbeeld ook op lantaarnpalen. Zonnepanelen bestaan uit rijen zonnecellen en een zonnecel bestaat uit twee laagjes silicium, een stof die in zand zit. Als de zon op de zonnecel schijnt, gaat er tussen de twee laagjes een elektrische stroom lopen. Zonlicht wordt omgezet in elektriciteit. Maar twintig procent van het zonlicht dat op de zonnecel valt, wordt omgezet in elektriciteit. Er zijn zonnecellen ontwikkeld die meer zonlicht omzetten in elektriciteit, maar die zijn nog erg duur. De warmte van de zon wordt ook gebruikt. Namelijk via zonnecollectoren. De collectoren vangen de warmte van de zon op. Meestal wordt hiermee water voor een zwembad, huis of warmtepomp verwarmd. Wetenschappers zijn steeds op zoek naar nieuwe manieren om de zon als energiebron te gebruiken.

Milieu

Zonne-energie vervuilt het milieu niet en dat is een groot voordeel. Dat is anders bij het gebruik van fossiele brandstoffen. Bij het verbranden van die brandstoffen komen stoffen in de lucht, die schadelijk zijn voor het milieu. We spreken dan van luchtvervuiling of milieuverontreiniging.